Stedentrip                                                                                                                                              

Vlag van Cascais

             

 

Klik op bovenstaande foto voor de reportage.

 

Reisverslag Cascais van 1 t/m 6 maart 2010

Maandagmorgen richting Schiphol en met TAP 665 om 12.35 richting Lissabon.

Op het vliegveld in Portugal achter onze huurauto aan ’n Fiat Uno en daarna via de route beschrijving van Robert en Loes richting Cascais. Was effe zoeken maar uiteindelijk stonden we voor de parkeergarage.

Auto naar binnen, koffers eruit en zo stonden we ineens binnen bij huis nummer 1.

Nadat we de koffers hadden uitgepakt en ’n beetje het huis hadden verkend weer in de auto en richting het centrum van Cascais. Daar even wat gewandeld en uiteindelijk bij de Palmtree op terras aan ’n borreltje. Ze obers herkenden Esther en vroegen zich af waar haar 2 “zusters”waren. 

Daarna was reeds ’n beetje schemerig waardoor we “ons” huis zo 1,2,3 niet meer terug konden vinden. Uiteindelijk via de snelweg en de TomTom kwamen we toch weer in ons huisje. Douchen, opknappen en lekker eten in de Palmtree.

 Dinsdag na het ontbijt besloten we om richting Sintra te gaan.     

Sintra is een geweldig mooi stadje aan de voet van het gebergte met dezelfde naam; de unieke kenmerken van Sintra zorgden ervoor dat het door de UNESCO erkend is als werelderfgoed van de mensheid, in een daartoe nieuw gecreëerde categorie van “cultureel landschap”; de erkenning heeft betrekking op de natuurlijke rijkdom alsook op het gebouwde erfgoed in Sintra en het gebergte. Het gebergte, dat een weelderige vegetatie heeft, is onderdeel van het natuurpark Parque Natural Sintra-Cascais.


Het paleis ligt op de heuvel Monte da Pena en werd gebouwd op de plaats waar vroeger een monnikenklooster stond van de Orde van Sint Hieronymus. Het was de vrucht van de verbeelding van Ferdinand van Saksen-Coburg-Gotha, die trouwde met koningin D. Maria II in 1836. Hij raakte verliefd op Sintra en besloot het klooster en de omringende landerijen te kopen om daar het zomerpaleis van de koninklijke familie te laten bouwen.



Hij paste Portugese architectonische en decoratieve vormen toe in revitalistische stijl (neogotisch, neomanuelijns, neo-islamitisch, neorenaissance) en rondom het kasteel liet hij een magnifiek park in Engelse stijl aanleggen, met een grote variëteit aan exotische boomsoorten.

Binnen is het interieur nog zoals de koningen die er woonden het decoreerden. Bijzonder is de kapel, waar nog een schitterend marmeren albasten retabel te zien is, die toegeschreven wordt aan Nicolau Chanterenne (één van de architecten van het klooster Mosteiro dos Jerónimos in Lissabon). Ook de muurschilderingen met “trompe l’oeils” en de tegelbekledingen zijn noemenswaard.

We hebben hier het eea bezicht en gewandeld. Daarna weer met de auto naar het centrum van ‘t stadje Sintra. Daar koffie gedronken en toen nog het Nationale Paleis Paço Real van binnen bekeken.


Bestand:PalacioSintra7.jpg

Midden in het oude stadje ligt het Palácio Nacional de Sintra. Het paleis heeft een paar opvallende melkfles vormige schoorstenen. Het grootste deel van het gebouw stamt uit de 14e eeuw dat werd opgericht door koning João I. Koning Manuel I breidde het palácio in de 16e eeuw uit met bouwsels en elementen in Moorse stijl.
Tot 1880 was dit de zomerresidentie van de Portugese Koninklijke familie.

Vanuit Sintra reden we ’s middags richting Cabo da Roca.

Cabo da Roca is een 140 meter hoge kaap die het westelijkste punt van het Europese deel van Portugal en tevens het westelijkste punt van het vasteland van Europa vormt. De Romeinen noemde de kaap 'Promontorium Magnum'. De kaap, zo'n 30 kilometer ten westen van Lissabon, uitmondend in de Atlantische Oceaan, ligt op 38°47 noorderbreedte en 9°30 westerlengte.Op de kaap staat een stenen bouwsel met daarop een plaquette die het westelijkste punt van het vasteland van Europa markeert. Op de plaquette definieert de dichter Luís de Camões de kaap als de plaats waar het land eindigt en de zee begint. In het Portugees: "Onde a terra acaba e o mar começa".

Daarna via de kust terug gereden richting Cascais. Onderweg kwamen we langs de mooie surfstranden van Praia do Guincho.

Nog even koffie gedronken in Guia met ’n lekker broodje kip. Jammer genoeg begon het toen te regenen. We wilde toch nog even met de auto over de Ponte 25 de Abril. We reden langs de kust via Estoril richting Lissabon en onderweg kwam het water met bakken uit de Portugese hemel. Uiteindelijk reden we overbrug wat toch wel ’n hele leuke ervaring was.

De rivier de Taag is ongeveer 2 km wijd en tot 1966 was er geen brug die beide oevers met elkaar verbond. De eerste verbinding was gelegen bij Vila Franca de Xira, 32 km ten noorden van Lissabon en werd gebouwd in de jaren '30.

Deze brug werd in 1966 geopend en droeg toentertijd de naam Ponte Salazar. Na afloop van de Portugese revolutie in 1974 werd de brug genoemd naar de dag waarop de revolutie plaatsvond. Een andere reden om de brug een andere naam te geven, was om alle herdenkingen aan de oude dictator António de Oliveira Salazar te vergeten.

Deze hangbrug lijkt erg veel op de Golden Gate Bridge in San Francisco. De brug is dan ook onder supervisie van Amerikaanse ontwerpers gebouwd. De bouw van de brug begon in 1962. De brug is 2278 meter lang en kent stevige fundamenten. Zo gaat de fundering maarliefst 79 meter de grond in.

 Vanaf de brug keek je op het indrukwekkende Monumento Cristo Rei. We reden ook daar maar even heen met onze Fiat Punto. Het werd er in 1959 neergezet en het is geïnspireerd op het Christusbeeld in Rio de Janeiro. Het is als dank omdat Portugal niet bij de 2e wereldoorlog betrokken was. Het is 100 meter hoog en je hebt ’n prachtig zicht over de brug en de stad Lissabon.

Na het mooie uitzicht te bereiken via de lift vertrokken we weer richting Cascais. Onderweg nog even langs de supermarkt en zo kwamen we eind van de middag weer aan in ons Portugese woning gelegen aan de Rua dos Depostios da Aqua.

’s Avonds lekker gegeten in ’n Thais restaurant en ’n borreltje toe in de Palmtree. 

 Woensdag 3 april met de trein vanuit Cascais richting Lissabon. Na 35 minuten kwamen we aan op station Cais do Sodré. Ook nu weer de regen met bakken uit de lucht. In ’n klein tentje even ’n bakkie Portugese koffie en voor Esther kregen we nog ’n paraplu.

Onderweg lopend in de stad kwamen we de nostalgische tram tegen van lijn 28 waar we in stapten en ’n rondritje door ’n deel van de stad maakten. 

 ’s Middags gingen we uit ons ANWB boekje ’n route lopen door Bairro Alto.Ook hier moesten we eerst met ’n speciaal trammetje anders was het ’n steil loopje.

elevador da gloria 

Dit had natuurlijk met ’n beetje zon moeten gebeuren maar ons was slechts regen gegund. We begonnen daarom maar met schuilen in Solar do Vinho do Porto. We konden hier honderden soorten port proeven en hielden het netjes bij eentje.

De Bairro Alto wijk is één van de meest pittoreske wijken van de stad. De wijk heeft nog vele kenmerken die wijzen op de ouderdom van de wijk. Deze wijk werd in de 16de eeuw gebouwd.

De architectuur, de traditionele winkels, restaurants, bars en kledingwinkels geven deze wijk een ongekende unieke sfeer. Tevens is de wijk een populaire ontmoetingsplaats voor de liefhebbers van het nachtleven. 

Na de wandeling door de smalle straatjes van Bairro Alto bezochten we de kerk zonder dak in het hart van Lissabon. Hier is ook het archeologisch museum gevestigd.

Dit museum is gevestigd in de ruines van het Convento do Carmo. Het bezit een rijke collectie documenten welke het ontstaan van de stad Lissabon beschrijven vanaf de prehistorie tot aan de dag van vandaag. Alles wijst erop dat het Museu Arqueologico do Carmo het oudste museum van Portugal is.

Het is ontstaan in de ruines van de oude Igreja do Convento de Nossa Senhora do Vencimento do Monte do Carmo welke is opgericht door D. Nuno lvares Pereira in 1389. De ruines van Carmo bevatten nog steeds enkele primitieve elementen welke dateren uit de 14de en 15de eeuw. Dit is zeer bijzonder te noemen daar er in 1755 een grote aardbeving plaatsvond in Lissabon welke een groot gedeelte van de stad veranderde in puin. 

Na de kerk zonder dak kwamen we bij de Elevator de Santa Justa terecht waar we natuurlijk even mee omhoog gingen.

De neogotische Santa Justa-lift, ook wel Elevador do Carmo genoemd, verbindt de Santa Justa-straat met het hogergelegen Carmoplein. De lift werd rond 1900 gebouwd door Raoul Mesnier du Ponsard. De lift is volledig gemaakt uit ijzer, de twee liftkooien uit hout. In iedere liftkooi passen 24 mensen De lift gaat 45 meter hoog. Op het hoogste punt, dat je alleen kan bereiken via een wenteltrap, kun je iets drinken terwijl je geniet van het overweldigende uitzicht.

File:ElevadorStaJustaLisboa1.JPG

We waren daarna het slenteren en bezichtigen even zat en lopend gingen we richting treinstation. Onderweg Michel nog wat kleding gekocht bij H&M en daarna snel de trein in.

We zouden gaan eten in de haven bij Latitude maar daar was alles dicht. Lopend richting centrum en lekker gegeten bij Lugmar.

Donderdag scheen eindelijk de zon en voordat we richting Cascais gingen even in de zon gezeten bij “ons” huis. Wat gewandeld in het centrum, langs het strand en het overdekte winkelcentrum even bezocht. Koffie gedronken op ’n pleintje lekker in het zonnetje. Nog even naar de haven gelopen maar ook overdag was daar alles gesloten. De auto uit de parkeergarage gehaald en via de snelweg richting het stadion van Benfica Estadio da Luz. Het was even zoeken en aan de TomTom hadden we ook niets. Maar uiteindelijk reden we zo onder het stadion de parkeergarage in. Alles stond open en we liepen zo richting het veld! Ik had dat nog nooit meegemaakt.  

Bij het stadion eerst wat gegeten en daarna gevraagd hoe laat en waar de stadion tour is.

Aangezien dat om het uur was hadden we nog tijd zat om naar het grote overdekte winkelcentrum te gaan. Dit kolossale centro commercial Colombo, dat in 1997 werd geopend,

Is zo goed als alles te vinden. 500 winkels, 20 banken, 50 restaurants, 10 bioscopen en een playcenter met bowling en ’n kartcircuit.  

Na gezellig gewinkeld maar niets gekocht te hebben weer richting voetbalstadion voor de rondleiding. Vond het niet zo heel bijzonder want miste de echte voetbalsfeer. Voor het stadion is wel ’n mooi beeld te zien van Eusebio. Binnen staat ook nog een beeld van Miklós Fehér.

Miklós Fehér was een 25-voudig Hongaarse voetbalinternational. Hij overleed op 25 januari 2004 op het voetbalveld tijdens een voetbalwedstrijd tussen zijn laatste club, de Portugese topploeg Benfica, en Vitória Guimarães. Fehér werd in de verlenging het slachtoffer van een hart- en ademhalingsstilstand.

Benfica had net gescoord en Fehér trachtte tijd te rekken door een inworp van Guimarães te belemmeren. Hiervoor bestrafte de scheidsrechter hem met een gele kaart. Fehér liep lachend weg bleef enkele meters verder staan, boog voorover en ging onderuit door een hartaanval. Hulp kon niet meer baten voor de 24-jarige spits. Hij is later officieel dood verklaard in het ziekenhuis van Guimarães.

Wat ook wel leuk was de arend het symbool van Benfica. Deze grote vogel vliegt iedere thuiswedstrijd zo’n 3 min vanuit de spelerstunnel door het stadion. Na diverse foto’s gemaakt te hebben in en om het stadion vertrokken we weer richting Cascais.

’s Avonds heerlijk gegeten bij de Zuid-Afrikaan. Redelijk goedkoop en uitstekende bediening.   

Donderdag was het weer Lissabon dag en ja hoor wederom regen. Aangekomen op het station richting de toeristenbus voor ’n tour via de rode lijn. Eigenlijk hadden we boven in de openlucht moeten zitten maar het Portugese weer liet dat jammer genoeg niet toe. We gingen eruit om eerst effe lekker koffie te drinken en daarna de kerk te bezoeken???????????. Daar was net ’n mis dus waren zo weer weg. Weer de bus in en er uit lans de Taag om de Torre de Belem te bezoeken.  

Bestand:Torre Belém April 2009-4a.jpg

De Torre de Bélem, of Toren van Belém, is een versterkte toren in de wijk Belém van Lissabon.

Het is een geklasseerd manuelijns bouwwerk uit de vroege 16de eeuw dat werd opgericht om de ontdekkingsreizen van Vasco da Gama en de grandeur van de Portugese macht uit het tijdperk der Grote Ontdekkingen te herdenken. Het is nu uitgegroeid tot een der voornaamste bezienswaardigheden van Lissabon. Het werd in 1983, samen met het nabijgelegen Hiëremonietenklooster, door de UNESCO uitgeroepen tot Werelderfgoed.

Jammer genoeg was de toren dicht zodoende konden we hem niet van binnen bezichtigen. Vanuit daar langs de Taag lopend richting het Monument van de Ontdekkingen oftewel Padrão dos Descobrimentos.

Dit monumentale gedenkteken voor de ontdekkingen is een in het oog springende bezienswaardigheid in de voorstad Belém. Het 54 meter hoge monument werd in 1960 aan de oever van de Taag gebouwd. Het monument stelt de boeg van een karveel voor, een typisch snel zeilschip uit Spanje en Portugal, die over de Taag uitsteekt. Bovenaan de boeg staat een meer dan levensgrote Hendrik de Zeevaarder, aan het hoofd een groep historische figuren met een belangrijke inbreng in de veroverings- en ontdekkingsreizen. Vlak na Hendrik de Zeevaarder herken je Manuel I, dan de dichter Luis de Cames en verder vertegenwoordigers van de kerk, kruiers, edellieden met pagekapsels en barse generaals.

Bestand:Belem.Padrao09.jpg

Ook hier kon je via ’n lift naar ’n uitkijk terras en had je ’n mooi zicht op de Taag en de wijk Belem. Teruglopen naar de bus begon het steeds harder te regen en als je dan ook nog eens bijna ’n uur op ’n bus moet wachten wordt je daar niet vrolijk van.

 Vlak voordat we de moed opgaven om in ’n taxi te stappen kwam de bus aan. Gauw ’n droog plekkie gezocht en bij het Placa dom Pedro er pas weer uit. Hier gingen we ook even wat drinken, eten en opdrogen.

We waren het eigenlijk ’n klein beetje zat maar wilden toch nog wel eventjes naar het Castelo de São Jorge. Aangezien dat het hoog lag stapten we maar in ’n taxi en boven gekomen keek je vanuit het kasteel over de hele stad heen. Jammer alleen van de regen dat ontnam ons ’n hoop zicht.

Hoog verheven boven Lissabon ligt het Kasteel van Sint-Joris. Al eeuwenlang staat dit kasteel centraal in de geschiedenis van Portugal. De oorsprong van dit bouwwerk gaat terug tot in de IJzertijd. Het is in de handen geweest van de Romeinen, de Suevians, de Visgoten en de moslims. Het kasteel is mooi vormgegeven en is met zijn puntige uitsteeksels en zijn tien torens buitengewoon opvallend te noemen. Op de binnenplaats van de ruïne vind je een rustig, schaduwrijk parkje met een paar kletterende fonteinen. Het uitzicht over de stad is de klim naar het kasteel meer.

Na het kasteel van St Joris de taxi in en richting station. De trein van 17.30 uur in en richting Cascais. We gingen de laatste avond lekker eten bij de Palmtree alleen gingen we wat later aan tafel dan de bedoeling was. De sleutel van het huis was ineens spoorloos. Deze was uit de jaszak van Michel gevallen en zodoende in de taxi blijven liggen. Na veel bellen, gedoe en lichte irritatie was ook dat probleem verholpen. Na de maaltijd nog even gezellig aan de bar gezeten en rond 02.00 uur met de tax terug naar ons huisje. Lekker naar bed voor ons laatst nachtje in Portugal.

Zaterdagmorgen alles opgeruimd, koffers in de auto en via de A5 terug richting vliegveld. Auto afgetankt, ingeleverd en inchecken. Dat was nog ’n probleem aangezien de namen van Esther op ticket en ID-card niet overeen kwamen. Uiteindelijk werd ook dat opgelost en om 14.00 uur gingen we met

Bestand:Tap.a330-200.cs-toe.arp.jpg

Op Schiphol kwamen we keurig op tijd aan en werden opgewacht door Sophie en Joris samen met opa en oma. Zo kwam er 'n eind aan weer 'n stedentrip.

 

Bronnen: de cursief gedrukte tekst komt van internet veelal van Wikipedia of 'n reisinfo Lissabon evenals de meeste foto's. Reisverslag gemaakt door Michel Kunnen. Voor info of op- aanmerkingen graag naar mkunnen@ziggo.nl

made by mkunnen maart 2010

 

 

    Lisboa

De stad Lissabon heeft 564.477 inwoners, maar het hele gebied Groot-Lissabon heeft tegen de 2.8 miljoen inwoners. Er wonen ongeveer 6.658 mensen per km². Het overgrote deel van de bevolking is van Portugese afkomst; er wonen echter ook vele buitenlanders in het gebied zoals: Kaapverdianen, Brazilianen, Indiërs, Angolezen en Russen. Het hele gebied rond Lissabon is één van de snelstgroeiende stedelijke gebieden van Europa, en volgens de VN zouden er in 2050 meer dan 4.5 miljoen mensen in het gebied kunnen wonen.


vlag van Lissabon

Vlag van Lisboa

Cascais

Map: Cascais

(c) All rights reserved
Filipe Moreira / Semantix